Groenplan en duurzame ontwikkeling

Inspraaktekst naar aanleiding van het vaststellen van het "Ontwerp-Groenplan Arnhem 2004-2007/2015", 26 november 2003

Inleiding
Gedurende deze novembermaand ligt het "Ontwerp-Groenplan Arnhem 2004-2007/2015" ter visie. Het hebben van een beleidsplan waarin de gemeente haar visie op natuurbehoud, landschap en de bescherming van flora en fauna uitwerkt, is verplicht. In de Lokale Duurzaamheidsspiegel die de afgelopen vijf jaar is gehouden, is daar ook ieder jaar op gelet. Voor wat betreft het onderdeel 'groen en ruimte' kwam Arnhem bij dit Spiegelonderzoek steeds goed uit de bus. Zaak dus voor de gemeente om dit zo te houden en reden voor Doca om de beleidsvoornemens die in het nieuwe plan zijn neergelegd, te bezien op inhoud, helderheid en leesbaarheid.

Doelstelling Groenplan
"Het Arnhemse groenbeleid is voor wat de natuur betreft gericht op het versterken en verder ontwikkelen van de kenmerkende Arnhemse natuur, tot uitdrukking komend in een op de abiotiek Ún de menselijke factor ge´nspireerde verscheidenheid aan planten en dieren."
Aanbeveling: We vinden deze doelstelling wat weggestopt in bijlage 1 van de nota, maar het verdient aanbeveling om deze als introductie van de nota weer te geven en dan het liefst ook in wat meer algemene termen met vermijding van vaktaal

Opzet Groenplan
Het Groenplan is een veelomvattend plan dat evenwel beperkt wordt door de kaders van het veel grotere Structuurplan Arnhem 2010.
Aanbeveling: Het Groenplan is in die zin een goede nota, dat de opstellers erin geslaagd zijn om (meer dan voorheen) allerlei beleidsonderdelen op het gebied van ecologie en natuurbeheer in Arnhem breed aan de orde te laten komen. Niettemin zou het de helderheid van de nota ten goede komen als in de inleiding (pag.4) toegelicht wordt wat die kaders van het Structuurplan ten aanzien van 'groen in en rond de stad' inhouden. Bovendien zou, juist vanwege de vele beleidsonderdelen, een index op zijn plaats zijn zodat onderwerpen als heemtuin, maaibeleid, onkruidbestrijding snel teruggevonden kunnen worden.

Samenwerking
Van overheidswege wordt bij het opstellen van bestemmingsplannen en structuurvisies aangedrongen op het betrekken van maatschappelijke organisaties, burgers en het bedrijfsleven. Of het nu stedelijk gebied met groenvoorzieningen betreft of onderhoud aan het landschap buiten de bebouwing, het gaat steeds om de betrokkenheid van bewoners en gebruikers. De opstellers van het Groenplan beamen dit ook: "Inbreng van bewoners bij het maken van plannen en samenwerking bij de uitvoering is van wezenlijk belang. Het werk van de gemeente gebeurt immers voor de bewoners. Inbreng vanaf het begin van een planproces zal het plan completer maken en bezwaarprocedures kunnen voorkomen." (pag.42). Toch blijkt deze betrokkenheid te weinig uit de nota.
Aanbeveling: In de nota worden in de paragrafen 4.3.3 t/m 4.6 organisaties genoemd als wijkplatforms, Klankbordgroep Natuur en Milieu, Staatsbosbeheer en Gelders Landschap. Het verdient aanbeveling om de inbreng van deze organisaties bij het tot stand komen van het Groenplan dan ook te beschrijven of als bijlage op te nemen. Dat doet recht aan hun inbreng en werkt stimulerend. (De op pag.25 gehanteerde omschrijving "harde kern van volkstuinders" klinkt onvriendelijk.)

Flora en fauna
In de paragrafen 2.4.1. en 2.4.2 komen beschermde diersoorten aan de orde (alsook zijdelings in de twee uitklapkaarten van bijlage 1), maar de nota ontbeert zicht op beschermde plantensoorten.
Aanbeveling: De overheid schrijft voor dat een gemeente over een inventarisatie beschikt van planten-soorten binnen haar grenzen. Zoals regelmatig gemeentelijke oproepen in de Arnhemse Koerier worden gedaan om hulp bij het registreren van bijzondere diersoorten, zo kan wellicht ook een beroep gedaan worden op plantenliefhebbers om mee te helpen registreren.

Bestrijdingsmiddelen

Op gezette tijden breekt in gemeentes de discussie los over al of geen gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen (onlangs ook weer in Arnhem). Chemische bestrijdingsmiddelen tasten, zowel bij productie als bij gebruik, ons milieu aan. Dit geldt ook voor minder giftige soorten als round-up. Vroeg of laat komen de middelen in het drinkwater en via plant en dier in ons lichaam. De roep om chemische bestrijdingsmiddelen heeft vrijwel altijd te maken met een bepaald beeld van netheid (en met luiheid om zelf de eigen stoep bij te houden).
Aanbeveling: Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen komt in de nota maar zijdelings aan de orde (pag.24, 25, 30). Het verdient aanbeveling om dit heikele onderwerp in een aparte paragraaf goed aan de orde te stellen, zodat duidelijkheid ontstaat over effecten en alternatieven en niet af te wachten tot de problematiek via bijvoorbeeld ingezonden brieven weer eens op de politieke agenda komt.

Parken en overige terreinen

In Het Groenplan wordt er terecht op gewezen dat 'groenbeheer' meer omvat dan parkonderhoud en boomspiegels. Sportvelden en de begraafplaats Moscowa zijn evenzeer terreinen waar een interessante biotoop aanwezig kan zijn en die als corridor voor vogels en insecten waardevol zijn.
Aanbeveling: Met evenveel recht kan ook gewezen worden op kantoorcomplexen en industrieterreinen. Vooral waar Arnhem zich inzet voor het uitbreiden van duurzame industriegebieden, zou het een gemiste kans zijn om hierbij niet de bescherming van flora en fauna te betrekken.

Overige criteria Lokale Duurzaamheidsspiegel
Bij het landelijk onderzoek naar gemeentelijke vorderingen op het gebied van duurzame ontwikkeling, hanteert het NCDO nog een aantal criteria op het gebied van 'groen en ruimte': beleidsambtenaar voor natuurbeleid en biodiversiteit, bermbeheer, stimulering natuurvriendelijk tuinieren, afstemming groenbeheer op lokale ecologische omstandigheden, aanwezigheid vlindertuin en heemtuin, betrekken van de bevolking bij het registreren van bijzondere diersoorten. Al deze afzonderlijke onderdelen komen in het Ontwerp-Groenplan goed aan de orde.
Aanbeveling: Het criterium 'gemeentelijk ondersteuning van schooltuinen' ontbreekt in het concept.. Dit onderdeel zou in het definitieve Groenplan opgenomen kunnen worden in paragraaf 4.6 (voorlichting en educatie).

Helderheid
Hoe meer onderwerpen aan de orde komen in de nota, hoe dringender de noodzaak om de inhoud goed te structureren. De nota is op dit moment nog teveel een samenraapsel van onderwerpen.
Aanbeveling: De eindtekst door een relatieve buitenstaander laten redigeren.

Leesbaarheid
De nota kent een veel te hoge dosis vaktaal. Uitgangspunt bij een dergelijk belangrijk plan zou de aandacht moeten zijn die de ge´nteresseerde leek voor de tekst kan opbrengen (inclusief dus het gemeenteraadslid dat ook niet van alle markten evengoed thuis kan zijn.)
Aanbeveling: De eindtekst door een relatieve buitenstaander laten controleren op jargon.

Eindconclusie
Een goede nota waarin de verschillende aspecten van natuurbeheer in en om Arnhem met elkaar in verband worden gebracht. Qua indeling en leesbaarheid verdient de nota wat ons betreft de nodige verbetering.



Ed Bruinvis
(Stichting Doca)