Bijlage bij persbericht ‘Wapenhandel en duurzame ontwikkeling’

 

 

Criteria Nederlands wapenexportbeleid

Je kunt je twijfels natuurlijk al hebben bij wapens in het algemeen en wapenhandel in het bijzonder, maar uitgaande van de overweging dat elk land het recht heeft om zich te verdedigen ziet het Nederlandse wapenexportbeleid er op schrift althans alleszins redelijk uit.

Zo levert Nederland niet aan landen in conflictgebieden en evenmin aan landen die de mensenrechten schenden. Nederland levert ook geen wapens aan landen die terrorisme steunen en evenmin wanneer die wapenleveranties de spanningen in de regio doen toenemen. Nederlands levert zelfs geen wapens aan landen die daar eigenlijk te arm voor zijn aldus criterium 8:

‘De verenigbaarheid van de wapenexporten met het technische en economische vermogen van het ontvangende land, rekening houdend met de wenselijkheid dat staten met een zo gering mogelijk beslag op mensen en economische middelen voor bewapening, in hun legitieme veiligheids- en defensiebehoeften voorzien.’

Overigens zijn deze criteria niet specifiek Nederlands, maar stemmen zij overeen met het Europese wapenexportbeleid, vastgelegd in het EU Gemeenschappelijk Standpunt (voorheen EU Gedragscode voor de Wapenexport geheten).

 

Het Nederlandse wapenexportbeleid in de praktijk

In de praktijk ligt het allemaal wat anders. Economische belangen van het leverende land, politieke ontwikkelingen op het wereldtoneel, machtsblokkenvorming, het zijn stuk voor stuk overwegingen om de criteria op papier niet al te letterlijk te nemen. Vaak ook geeft de mening de doorslag dat als wij het niet doen, anderen het wel zullen doen en dat je niet altijd het braafste jongetje uit de klas moet proberen te zijn als er grote economische belangen in het spel zijn.

Zo bouwde het Damen-Schelde in de periode 2007/2008 4 korvetten voor de Indonesische marine waaraan het scheepsbouwconcern meer dan een miljard euro verdiende. De Nederlandse staat zorgde voor de exportvergunning en de kredietverzekering. Toch heeft Indonesië een slechte reputatie op het gebied van de mensenrechten, maken corrupte militairen er de dienst uit en leven miljoenen mensen in het land onder de armoedegrens. Geconfronteerd met protesten uit de vredesbeweging stelde de Nederlandse regering dat de schepen slechts bedoeld waren voor het beveiligen van de kustwateren tegen piraterij en dat ze niet geschikt zouden zijn voor het onderdrukken van de eigen bevolking (Atjeh).

Een soortgelijke kwestie speelt momenteel rond de geplande levering van 3 korvetten aan de Marokkaanse marine. Opnieuw is het Damen-Schelde die een exportvergunning van de Nederlandse overheid krijgt voor de levering van oorlogsschepen aan een land dat zijn geld beter kan besteden aan armoedebestrijding dan aan dure wapensystemen.

 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Nederland levert 3 korvetten aan Marokko voor € 555 miljoen                                         

Het werkelijke argument om deze dubieuze leveranties te laten doorgaan is dat de Nederlandse scheepsbouw er bij gebaat is. Zonder orders van deze grootte is het afgelopen met deze sector, want de concurrentie uit China en Zuid-Korea is moordend. Met het bouwen van marineschepen houdt Nederland bovendien zijn kennis en ervaring op dit gebied op peil.

 

Ook Defensie zelf doet aan wapenhandel

Sinds de jaren ’90 is er fors gekort op de Defensiebegroting. Dat dreigt de modernisering van de krijgsmacht parten te gaan spelen en dus treedt Defensie steeds vaker op als wapenhandelaar. Met de verkoop van tweedehands materiaal kunnen zo de gaten worden gedicht die ontstaan bij de aanschaf van duur nieuw materieel. Maar voor de verkoop van tweedehands oorlogstuig door de overheid gelden ook de 8 wapenexportcriteria. En ‘dus’ sjoemelt de overheid zelf met zijn eigen wetgeving.

Wat te denken bijvoorbeeld van de levering van afgedankte fregatten en F-16’s aan de krijgsmacht van Chili? Het land komt dankzij zijn kopervoorraden de laatste jaren een beetje uit het dal, maar het grootste deel van de bevolking leeft in armoede en bovendien zijn er spanningen met buurland Peru dat de groeiende krijgsmacht van Chili met argusogen aanziet. Nederland verdiende in de afgelopen 10 jaar maar liefst € 400 miljoen met militaire leveranties aan Chili.

Voor wat betreft de leveranties van tweedehands materieel aan Jordanië geldt een zelfde verhaal. Ook dit land kocht in de afgelopen jaren afgedankte F-16’s van Nederland, terwijl Jordanië niet bepaald uitblinkt door een democratische rechtsorde. En hoewel de Nederlandse regering ontkent dat deze leveranties het broze machtsevenwicht in de regio verstorren, is het duidelijk dat dit wel gebeurt wanneer de geplande levering in de komende jaren van maar liefst 1.100 militaire voertuigen die door de Nederlandse krijgsmacht worden afgestoten, doorgaat.

 

 
















 

 

Nederland leverde in 2006/2007 18 F-16’s aan Chili en levert in 2010/2011 nog eens 18 van deze toestellen tweedehands aan dit land.

 

Voor 2010/2013 staat de levering van 1.100 tweedehands militaire voertuigen aan Jordanië op het programma, waaronder 510 pantservoertuigen en 121 houwitsers.

 

 

Nederland al jaren in de top-10 van wapenexporterende landen in de wereld

Voortal dankzij de leveranties van tweedehands militair materieel heeft Nederland de afgelopen jaren de twijfelachtige eer  om in de top-10 te staan van wapenexporterende landen. Daarnaast hebben de bovengenoemde orders voor korvetten van Marokko en Indonesië daar voor gezorgd alsook de verkoop van radar- en vuurgeleidingsapparatuur die bij Thales Nederland wordt geproduceerd. Niet in die cijfers opgenomen, maar wel van groot belang als het gaat om wapenexport, is de rol die Nederland vervult bij de doorvoer van wapens via Schiphol en de haven van Rotterdam. Omdat het daarbij vaak gaat om transporten door Navo-bondgenoten en bevriende naties en er dus ook nauwelijks controle op plaatsvindt, kan het niet anders dan dat Nederland een draaischijf is in de wereldwijde wapenhandel  Dit is des te schrijnender omdat Nederland maar al te graag als gidsland wordt gezien waar het gaat om ontwikkelingssamenwerking en mondiale duurzame ontwikkeling.

 

Nederlandse wapenexport in miljoenen euro’s

 

Jaar

NAVO-landen

Buiten NAVO

Totaal

1996

369,6

49,6

419,2

1997

274,8

833,4

1.108,2

1998

274,8

157,1

431,9

1999

295,1

71,3

366,4

2000

282,7

134,6

417,3

2001

528,1

123,2

651,3

2002

350,6

99,7

450,3

2003

974

176,8

1.150,8

2004

466,4

177,8

644,2

2005

743,7

431,6

1.175,3

2006

450,6

674,1

1.124,7

2007

646,7

227

873,7

2008

854,7

402,9

1.257,6

2009

674,3

735,6

1.409,9

 

Bron: Ministeries van Economische Zaken en Buitenlandse Zaken


 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Wapenhandel versus armoedebestrijding

In 2000 formuleerden de 189 lidstaten van de Verenigde Naties gezamenlijk de zogeheten Millenniumdoelen.
Het eerste en belangrijkste Millenniumdoel luidt:

‘Het percentage mensen dat in extreme armoede leeft, is in 2015 ten minste voor de helft teruggebracht ten opzichte van 1990. In 2015 moet ook het aantal mensen dat honger lijdt, zijn gehalveerd.’

 

 
                                               De miljarden die nodig zijn om dit doel te bereiken kunnen

                                               maar één keer worden uitgegeven.Gaat dit geld echter naar

                                               wapenproductie en wapenhandel in plaats van naar goed

onderwijs, gezondheidszorg, huisvesting, schoon water en

infrastructuur, dan blijft er elk jaar weer te weinig over om
in die behoeften te kunnen voorzien en zullen ook die
Millenniumdoelen niet worden gehaald. Voor een goed begrip
van de zaak: de wereld gaf in 2009 meer dan 1,5 biljoen dollar
uit aan bewapening.

 

 

 

September 2010 – Ed Bruinvis (Stichting Doca)